Captain America: held tegen wil en dank

Pat Tillman werd geboren op 6 november 1976 in San José, California. Hij was de oudste van drie jongens, Pat, Kevin en Richard, zoon van Mary en Patrick. Zijn broers en ouders beschrijven hem als zorgzaam en beschermend. Een leider, zo zeggen zowel zijn honkbal als American Football teamgenoten. All-American.

Hij werd in 1998 gedraft door de Arizona Cardinals, haalde het All-Pro team en zijn American Football carrière zag er rooskleurig uit, met in 2002 een contract van ruim 3.6 miljoen dollar in het verschiet. In plaats van dit contract te tekenen, meldde Pat Tillman zich aan bij het Amerikaanse leger. Hij overleed twee jaar later, op 22 april 2004, in Afghanistan, van het leven beroofd door vriendelijk vuur. Zijn rekrutering en dood lezen als een dystopische roman die eindigt in fratricide. Bovenal is zijn dood het verhaal van een leger dat een tragedie in de doofpot probeerde te stoppen en er een heldenepos van trachtte te maken om een oorlog te promoten.

De wereld stond even stil. Een brandende toren die de New Yorkse skyline zwart kleurde met rook. Verdieping 93 tot 99 van de noordelijke toren van het WTC waren weggevaagd. Een gat geslagen door een vliegtuig waar het vuur uitsloeg. De wereld zat aan de buis gekluisterd, terwijl beelden van de aanslag op 11 september 2001 rondgingen. Luttele momenten nadat de noordelijke toren werd doorboord, vloog, live op televisie, een tweede vliegtuig de zuidelijke toren in. Onwerkelijke beelden, maar het ergste was nog niet geweest. Het moet oorverdovend zijn geweest, het instorten van de twee torens. Een implosie van hoop en mensenlevens. Waar aan het begin van de dag nog de WTC Twin Towers stonden, restte aan het eind van de ochtend slechts stof en puin.

De wereld stond even stil.

Zo ook Pat Tillman. Waar hij was tijdens de aanslagen weten we niet, maar hij keek wel, waarschijnlijk met teamgenoten. Andere Arizona-spelers zouden later verklaren dat hij aangeslagen was, in zichzelf gekeerd. Toen ABC News hem een dag later interviewde, vertelde Pat: ‘The importance of football ranks zero compared to what happened. When you compare it, we’re worthless. We’re actors. […] My great grandfather at Pearl Harbor [was], and a lot of my family has gone and fought in wars, and I really haven’t done a damn thing as far as laying myself on the line like that. I have a great deal of respect for those who have, and what the flag stands for.’ Pat was een atheïst, een pragmatist die geloofde in het heft in eigen hand nemen. Hij zou het seizoen bij de Cardinals afmaken, maar toen ze hem na afloop een nieuw contract aanboden ter waarde van 3.6 miljoen dollar, wees hij dit af. Een officiële reden heeft hij nooit gegeven. Pat werd de ‘long-haired, small-town football hero who went to war without asking questions’. De idealist, “de macho”, de patriot.

De proloog

Pat ontmoette zijn latere vrouw Marie toen hij vier jaar oud was. Zijn voetbalteam speelde tegen het hare. Pas in high school gingen ze op hun eerste date, vanaf toen waren ze onafscheidelijk. Pat studeerde in Arizona, Marie in California, maar hun relatie overleefde de afstand tijdens hun collegejaren. Na haar afstuderen verhuisde Marie naar Arizona. Volgens Marie besloot Pat niet gelijk na de aanslagen van 11 september dat hij zich zou melden bij het leger. Het was het resultaat van veel onderzoek, het afwegen van de voor- en nadelen  en vele gesprekken. Pat was zich ervan bewust dat zijn acties gevolgen voor haar zouden hebben en wilde die beslissing dan ook niet alleen maken. Pat hield een dagboek bij. Op 28 april 2002 besloot hij definitief het leger in te gaan. Hij schreef: ‘I’m not sure where this new direction will take my life though I am positive it will include its share of sacrifice and difficulty, most of which falling squarely on Marie’s shoulder.’ Het tweetal trouwt op 4 mei 2002. De familie weet op dat moment niet dat Pat zich zal aansluiten bij het leger. Het was een vreugdevolle dag, een van de laatste. Een maand later, op 1 juni, traden zowel Pat als zijn jongere broer Kevin Tillman, een tweede divisie honkbalspeler, toe tot de Army Rangers. Ze kregen de rank van specialist en begonnen in juli aan hun training. Na Pat’s toetreding tot de Rangers stuurde de toenmalige Minister van Defensie, Donald Rumsfeld, hem een vleiende welkomstbrief en mailde tevens de secretaris van het leger: ‘We might want to keep an eye on him.’ De regering had al vroeg door dat de inlijving van een bekende NFL-speler als Pat hen mogelijkheden bood om een narratief van opoffering en patriottisme op te bouwen. Beide broers weigerden echter interviews te geven. Ze wilden niet dat hun rekrutering werd gebruikt als publiciteitsstunt of legerpropaganda. Ironisch, bleek later, want dat is exact wat Pat’s dood uiteindelijk werd: een publiciteitsstunt en legerpropaganda. 

Osama Bin Laden, leider van de Islamitische terreurgroep Al-Qaeda en het brein achter de aanslagen, werd beschermd door de Taliban, een groep radicale moslims die regeerden in Afghanistan. Ondanks herhaaldelijke verzoeken van de Amerikaanse regering om Bin Laden over te dragen, weigerden de Taliban. ‘We did not ask for this mission, but we will fulfil it,’ zei president Bush op 7 oktober. Een maand na de aanslagen voerde Amerika de eerste luchtaanvallen uit op Afghanistan en viel het leger het land binnen. Pat en zijn broer hadden verwacht te worden uitgezonden naar Afghanistan om te helpen met de jacht op Bin Laden en de strijd tegen terreur. De Amerikaanse regering had echter bewijs gevonden, foutief bewijs bleek achteraf, dat Saddam Hoessein over massavernietigingswapens beschikte. De broers werden naar Irak gestuurd. Pat was het niet eens met deze oorlog. Er was volgens hem geen duidelijk noodzaak voor het invallen van Irak. In zijn dagboek schreef hij:

‘Kevin and I have willingly allowed ourselves to be pawns in this game and will do our job whether we agree with it or not. […] But we harbor no illusions of virtue.’

Pat raakte in Irak gedesillusioneerd door de oorlog. President Bush was een ‘cowboy’ en de oorlog zelf ‘imperial folly’. In zijn dagboek schreef hij over de reddingsactie van Jessica Lynch. Zij zou een prisoner of war zijn en worden gemarteld door de Irakezen. Rond de duizend soldaten waren gemobiliseerd voor de redding, en de gehele actie werd zelfs gefilmd en uitgezonden door de Amerikaanse nieuwszenders. ‘As awful as I feel for the fear she must face, and admire the courage I’m sure she’s showing, I do believe this is a big public relations stunt. Do not mistake me, I wish everyone in trouble to be rescued, but sending this many folks in for a single low-ranking soldier screams of a media blitz.’ Hij bleek gelijk te hebben. Jessica was helemaal niet gemarteld. Ze werd goed verzorgd door Irakese artsen en deze hadden al meerdere malen geprobeerd om haar over te dragen aan de Amerikaanse troepen. Ontevreden over wat hij zag, uitte Pat zijn kritiek steeds vaker. Zijn dagboeken schetsen een beeld van een jonge man die een goed begrip had van de politieke en militaire belangen die samen gingen met de invasie van Irak, en wat hij zag, stond hem niet aan. ‘We’ve had leaders telling guys to shoot innocent people only to be ignored by privates with cooler heads … It seems their battlefield sense is less than ideal. Given the stress of a situation, I absolutely will listen to my instincts before diving headfirst into any half-baked scheme of theirs. Perhaps this is not the ‘military right’, however these past couple of months have suggested it’s necessary.’ Hoewel hij het militaire leven en de oorlog hekelde, weerhield Pat’s morele code hem ervan ontslag aan te vragen. Op 8 april 2004 landde Pat Tillman samen met zijn broer als onderdeel van Operation Mountain Storm in Afghanistan. Veertien dagen later was hij dood.

Een heldendicht

‘He made the call. He dismounted his troops, taking the fight to the enemy, uphill, to seize the tactical high ground from the enemy. This gave his brothers and the downed vehicle time to move off that target. He directly saved their lives with that move. Pat sacrificed himself so his brothers could live.’ Navy SEAL Steven White gebruikte deze woorden om te beschrijven hoe Pat om het leven was gekomen. De woorden werden hem gevoerd door het leger. White zelf had geen idee wat er daadwerkelijk die 22 april in Afghanistan was gebeurd, maar het leger vertelde hem dat Pat een held was die zichzelf had opgeofferd om zijn medesoldaten te redden. White had geen reden om te twijfelen aan dit verhaal. Zeker niet aangezien de officiële verklaring van het leger, dat Pat was vermoord door Talibanstrijders, was afgetekend door Rumsfeld, dezelfde minister die Pat toen hij zich bij het leger meldde een brief stuurde en de secretaris van het leger aanspoorde om hem in de gaten te houden. President Bush, via videoboodschap, sprak tijdens Pat’s memorial: ‘As much as Pat Tillman loved competing on the football field, he loved America even more. Courageous and humble, a loving husband and son, a devoted brother and a fierce defender of liberty. Pat Tillman will always be remembered and honored in our country.’ Maria Shriver, First Lady of California, en John McCain, toendertijd senator van Arizona, waren aanwezig bij de memorial en spraken hun dankbaarheid uit naar Pat. ‘Pat is with God now,’ sprak Shriver, gevolgd door John McCain’s, ‘God bless him.’ 

De drie Tillman-broers hadden een extreem sterke band. Opgroeiend deden ze alles samen. Richard, de jongste, keek op naar zijn beide broers. De jongens waren vrije denkers, die volgens hun buren graag het woord ‘fuck’ gebruikte. ‘The F-word was one of their favorite words. They could use it as an adjective, a verb, a noun…’ Pat’s jongste broer nam na Shriver en McCain het podium, een pint Guinness in de hand. Het eerste woord uit zijn mond was ‘fuck’. Met een stem doorladen van emotie sprak hij:

‘Pat’s a fucking champion and he always will be. Just make no mistake, he’d want me to say this. He’s not with God. He’s fucking dead. He’s not religious so, thanks for your thoughts, but he’s fucking dead.’

Heldendaad of niet. Pat was dood.

Mary Tillman, Pat’s moeder had vanaf het begin twijfels bij de dood van haar zoon. ‘The story had this contrived feel to it. […] Well, you know, the soldier, you know, running up the ridge line, firing at the enemy. You know, saving his men. It did sound kind of like a John Wayne movie.’ Toen Mary van een soldaat hoorde dat haar zoon dood was, werd haar verteld dat hij was beschoten terwijl hij uit een voertuig stapte. ‘He was shot in the head getting out of a vehicle.’ Dat was alles dat de soldaat haar kon vertellen. Het verhaal dat daarna door het leger en de Amerikaanse regering werd gesponnen en in de media verscheen, het verhaal van de held die een heuvel oprende om zijn broeders te redden en daarbij zijn leven gaf, kwam niet overeen met die eerste versie van zijn dood. Pat kreeg postuum een Silver Star, de een na hoogste onderscheiding in het leger, en overal in het land waren er herdenkingsdiensten. De Amerikaanse regering wist toen echter allang, zo blijkt uit documenten die pas drie jaar later publiek werden, dat er een mogelijkheid was dat Pat niet om het leven was gekomen door Talibanstrijders. Toch probeerde het leger dit feit te verbergen.

Binnen enkele uren na zijn dood waren zijn uniform en harnas verbrand om te verhullen dat de kogelgaten het formaat hadden van 5.56-kaliber kogels, munitie gebruikt door het Amerikaanse leger. Zijn helm verdween, zijn wapen verdween. Zelfs een stuk van zijn brein, gevonden waar hij was beschoten, verdween. Ongebruikelijk, aangezien uniform, harnas, wapen en helm bij overlijden altijd met het lichaam meereizen naar de Verenigde Staten voor onderzoek. Binnen een week na Pat’s overlijden werd er een memo gestuurd, door Majoor-Generaal Stanley McChrystal, bedoeld om President Bush te waarschuwen dat het ‘highly possible’ was dat Pat door kogels van zijn eigen peloton om het leven was gekomen. Pat’s pelotonleden werd verteld, bevolen, dat ze moesten zwijgen. Bovenal mochten ze niet aan Kevin vertellen wat er was gebeurd. 

Een van Pat’s beste vrienden was Russel Baer. Hij ontmoette Pat in Irak. In eerste instantie, toen hij hoorde dat de ‘football hero’ zijn peloton zou komen versterken, was hij niet blij. Hij zag Pat als een ‘meatheaded jock’. Maar de twee werden al snel goede vrienden en waren, met Kevin, altijd samen. ‘He was different from anybody I’d ever met. Strong, strong in his beliefs. It just seemed like he got it. Like he got life. He and his brother seemed to have something that was missing in my life and the general populace.’ Ook Baer wist wat er was gebeurd, maar had het bevel niets te zeggen. Hij vloog met Kevin terug naar de Verenigde Staten om het lichaam van Pat naar huis te brengen. Tijdens de vlucht spraken ze geen woord. Eenmaal terug in Amerika loog Baer tegen Pat’s moeder enfamilie. ‘Who wants to be the guy who says, yeah, it was friendly fire, and then they find AK47 rounds in him? How could I put a family through that kind of turmoil?’ Baer had geen woorden van steun noch waarheid voor Pat’s familie. ‘I lost respect for the people in charge of me,’ zo zou hij later verklaren. Een jaar na Pat’s dood verliet hij het leger. De impact van het verliezen van zijn vriend en de manier waarop het leger ermee omging, desillusioneerden hem. ‘When you go in, you’re re-raised in the military, to believe in things like honor and honesty, service and sacrifice. The experience of Pat’s incident really showed me just how people in the higher echelons of the military and the government would tell you one thing and do another.’ Hoeveel spijt hij er later ook van had, ook hij droeg door zijn zwijgen bij aan het verdoezelen van de waarheid. 

De waarheid

De waarheid kwam 5 weken later bovendrijven, toen Kevin terugkeerde naar zijn peloton. Het leger was bang dat pelotonleden hun mond voorbij zouden praten door ‘guilt, anger and alcohol’. 

Op 22 april 2004 reisde een Amerikaans peloton met Humvees door Afghanistan. Een klein team van drie man, Pat Tillman, een Afghaanse militair en jongeling Bryan O’Neal, verkende de hoger gelegen heuvels toen ze werden opgeschrikt door geweervuur. De schoten kwamen van hun eigen peloton, dat achter hen de hoek om kwam. O’Neal gooide een rookbom om hen te waarschuwen dat ze op hun eigen broeders schoten. De schoten stopten, maar de schutters kwamen wel steeds dichterbij. Iets meer dan 35 meter verwijderd, openden de soldaten weer het vuur.

‘I just wanted to shoot,’

zou eentje later verklaren. ‘I was so excited,’ een ander. Bevangen door bloedroes? ‘I’m Pat fucking Tillman,’ schreeuwde Pat, maar het mocht niet baten. Zijn broeders schoten minutenlang, wetende dat een deel van hun peloton zich in diezelfde richting bevond. O’Neal raakte gewond, Pat werd drie keer in het hoofd geraakt. ‘His head was completely gone,’ verklaarde O’Neal. Vermoord door zijn eigen broeders door onverantwoordelijk, maar bewust afgevuurde kogels. Omdat ze gewoon wilden schieten. De familie moet het doen met deze versie. Dit is de enige waarheid die ze vandaag de dag hebben, na ruim zestien jaar onderzoek en tegenwerking van het leger en de regering. Wat er die fatale dag daadwerkelijk is gebeurd, waarom de soldaten opnieuw het vuur openden, zal niemand ooit weten, behalve degenen die erbij waren. Zij houden wijselijk hun mond. Tot op de dag van vandaag heeft het leger niet toegegeven te hebben gelogen over Pat’s dood, niet toegegeven dat er grove fouten zijn gemaakt en niet toegegeven dat ze wisten dat hij door eigen vuur om het leven was gekomen. Op het moment van Pat’s overlijden, stond het Amerikaanse volk negatief tegenover de oorlog. De dood van een NFL-held was exact wat het oorlogsimago nodig had. De perfecte PR. Niet één om een blad voor de mond te nemen, net als tijdens de memorial, vertelde Richard Tillman bij Bill Maher aan de wereld: ‘I wish he would’ve just lit these fucking idiots up with his own gun. ‘Cause he knew that they were shooting at him. I wish he didn’t have so much character, and he would’ve shot his own guys.’ 

Pat Tillman was geen macho, geen hyper-patriottische en nationalistische karikatuur van een Amerikaanse held. Geen Captain America. Hij was een man, van vlees en bloed. Hij was liberaal, maar ook conservatief. Hij was een typische jock die verslaafd was aan de adrenaline van sport, maar tegelijkertijd hield hij een introspectief, persoonlijk dagboek bij. Hij was een atheïst die de Bijbel, de Koran en het Boek van Mormon las vanuit intellectuele nieuwsgierigheid. Hij ging op de fiets naar American Football-training en las Emerson. ‘He’s not what these people wished he was,’ aldus zijn vader. Maar dat maakte voor het narratief niet uit. ‘He thought the war was illegal. He thought it was a mistake. He thought it was going to be a disaster. And in the Army, you’re not supposed to talk about that. You’re not supposed to talk politics. And Pat didn’t shut up. He told everyone he encountered, ‘This war is illegal as hell”,’ meende John Krakauer, die een boek over Pat schreef. 

Pat Tillman was klaar met de oorlog en de Amerikaanse regering wist dit. Alsnog gebruikten ze hem om hun oorlog te promoten. Ze hielden bewust het idee van een held staande, om maar niet hun eigen fouten te erkennen. FOX News commentatoren eerden hem tijdens Veteran’s Day, gekleed in volle camouflage-kleding, wetende, maar onverschillig tegenover het feit dat dit een man was die zich in de laatste maanden van zijn leven had gekeerd tegen de oorlog. Na de protesten van zwarte spelers in de NFL, deelde President Trump een tweet ‘NFL player Pat Tillman joined U.S. Army in 2002. He was killed in action 2004. He fought 4our country/freedom. #StandForOurAnthem #BoycottNFL’ waarmee hij insinueerde dat Pat een echte patriot was in tegenstelling tot de knielende NFL-spelers. Dat terwijl, volgens Pat’s vrouw Marie, Pat juist een van de eersten zou zijn geweest die samen met zijn medespelers zou knielen om aandacht te vragen voor geweld tegen Afro-Amerikanen. Bij het Cardinals Stadium in Glendale, Arizona staat een standbeeld van Pat. A tribute to a hero. Pat’s familie ziet het met lede ogen aan. Zij hebben jaren gestreden om de waarheid boven water te krijgen, om de karikaturisatie van Pat als All-American warhero een halt toe te roepen. ‘They were taking parts of who he was and magnified those to suit their purpose.’

Pat’s laatste woorden voor hij het leven liet, terwijl er op hem werd geschoten door zijn eigen broeders, de mannen die hij niet in de steek wilde laten, want in de oorlog geloofde hij allang niet meer, zijn iconisch. Of ze bedoeld waren als laatste noodkreet, in de hoop dat zijn broeders zouden stoppen met schieten, of dat er een dieperliggende betekenis was, een laatste wanhoopsschreeuw van een man die zich ervan bewust was dat hij na zijn dood misbruikt zou worden door een regering wiens oorlog hij allang niet meer steunde. Die iconische laatste woorden zeggen meer over hem dan de Amerikaanse regering ooit zou kunnen.

‘What are you shooting at? I am Pat Tillman. I am Pat fucking Tillman.’

Tekst: Danielle Kliwon // Beeld: Bob Foulidis

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s