De warmte stijgt op in Kinosaki onsen

Afgelopen vakantie heb ik capibara’s – ook wel kokosnoothonden – geaaid, vele tempels bezocht en heel lang moeten wachten tot mijn jetlag voorbij was. Eindelijk kon ik mijn zus en haar partner bezoeken in Japan. Naast de vegan noodle-restaurants en vele Don Quijote-winkels, heb ik ook de traditionele cultuur kunnen proeven toen ik op Japanse houten klompen langs de verschillende onsens in Kinosaki ging.

Op het hoofdstation in Kyoto sprint ik naar het toilet. Het is niet te geloven: de wc heeft een verwarmde bril. Bovendien heb ik hier alle ruimte van de wereld en  bespeur ik nergens viezigheid. En ik hoef er niet eens voor te betalen! In Japan lijkt alles erop ingericht te zijn om iedereen zoveel mogelijk comfort te bieden. Niet alleen omdat alles eindelijk op mijn lengte is afgesteld en de treinen zonder problemen op tijd vertrekken, maar ook door de fantastische service. Zo worden de treinstoelen gedraaid naar de rijrichting, wordt er gelijk een glas water of koude thee naar je tafel gebracht in een café, en staat mijn McDonald’s-bestelling al binnen vijf minuten op tafel. Overal is aan gedacht en er is oog voor detail.

Aangezien Japan op een kruispunt van breuklijnen in de aardkorst ligt, vinden er vaak aardbevingen plaats. Voor zover ik weet heb ik er geen meegemaakt, maar zeker weten doe je het nooit, omdat sommige niet voelbaar zijn. Aardbevingen zijn natuurlijk niet leuk, maar er is één voordeel: de verhoogde vulkanische activiteit creëert vele warmwaterbronnen door heel Japan. Van deze bronnen worden onsens gemaakt. Een onsen is een badgelegenheid waar mensen tot rust kunnen komen en hun lichaam kunnen voeden met mineralen die in verschillende baden zijn opgelost. Een onsen dient niet alleen voor ontspanning, maar belooft ook diverse vormen van geluk. Zo zijn mijn zus en ik onder andere naar de onsen geweest voor een gelukkig huwelijk en een lang leven.

Mijn megalofobie wordt aangewakkerd wanneer ik het ongelofelijk grote hotel zie waarin we verblijven. Ik kies een mooie yukata (een Japans kledingstuk dat lijkt op een kimono) uit de kast en plof een paar verdiepingen hoger op mijn bed neer. Deze kamer heeft een toilet met speciale slippers en kijkt mooi uit over het natuurgebied. Het enige wat ontbreekt is een douche. Om mezelf schoon te maken ga ik naar de onsen van het hotel. Spanning giert door mijn lijf terwijl ik me in de omkleedruimte bevind, maar zodra ik mijn yukata uit heb gedaan en net als iedereen naakt in de ruimte sta, voel ik me helemaal ontspannen. In de badruimte staan witte krukjes in de douches. Ze kijken mij aan en ik verafschuw het idee dat ik er een moet kiezen om op te zitten. Hoeveel naakte billen hebben hier wel niet op gezeten? Maar hygiëne staat voorop in de onsen: je reinigt jezelf voordat je het bad ingaat en je haar mag niet in contact komen met het hete bronwater. 

Na wat shampoo door mijn haar te hebben gespoeld, stap ik met mijn zus in het bad en blijkt het met de hitte wel mee te vallen. Een golf van rust komt over me heen en ik sluit mijn ogen. De kou van buiten contrasteert heerlijk met de 42 graden waar mijn voeten in staan. Voor ik het weet zit ik tot mijn nek in het water.

Hygiëne staat voorop in de onsen: je reinigt jezelf voordat je het bad ingaat en je haar mag niet in contact komen met het hete bronwater.

De volgende ochtend is ons humeur wat minder. We zijn erachter gekomen dat slechts vier van de zeven onsens die we vandaag wilden bezoeken open zijn. Jammer, maar ik denk dat het sowieso niet de bedoeling is dat we in één dag zeven onsens bezoeken. Bovendien hebben we weinig te klagen, aangezien het uitzonderlijk is dat mijn zus met haar tattoo überhaupt de onsens in Kinosaki mag bezoeken: in Japan worden tattoos geassocieerd met gangsters en criminelen, waardoor mensen met een tattoo vaak niet zijn toegestaan in onsens.

Toen de Kinosaki onsen werd opgericht, was de regel dat je eerst de berg naar de Osenjitempel moest beklimmen voordat je in een van de warmwaterbronnen mocht. Wij willen deze traditie eren en beginnen de berg te beklimmen. Halverwege besluiten we via de kabelbaan verder te gaan, aangezien er gewaarschuwd wordt voor beren op de route. Op de top worden we beloond met een fantastisch uitzicht, dat welgeteld één ster in de Michelin Green Guide is toegekend. Wat opvalt is dat er in Japan ongelofelijk veel manieren zijn om geluk te bemachtigen. Zo kan je in vele tempels en heiligdommen uiteenlopende omamori (geluksbrengers) kopen die bijvoorbeeld voorspoed in de liefde brengen of veiligheid in het verkeer. Ook op deze top ontkomen we niet aan het kopen van geluk. Voor we het weten hebben we een paar schaaltjes in ons bezit, die we op een speciaal doel moeten mikken. Als je het doel raakt – en dat lukt niemand – komt je wens uit. 

Terug in het hotel geven mijn zus en haar partner me een gouden notitieboekje en een rood potlood. ‘Daar kan je haiku’s in schrijven!’ En waar kan je beter haiku’s schrijven dan tussen de bomen en bergen in Japan?

Op houten klompen strompelen we tien minuten naar de Jizo-Yu onsen, waar we afscheid van de partner en zijn broertje nemen. Er bestaan nog konyoku onsens waar mannen en vrouwen samen baden, maar tegenwoordig worden in de meeste badhuizen de mannen en vrouwen van elkaar gescheiden. In dit geval wisselen de badruimtes om de zoveel tijd, zodat beide geslachten de hele onsen kunnen meemaken. Jizo-Yu oogt retro door de blauwe tegels en in sommige hoeken van het bad borrelen bubbels op. Om te voorkomen dat we na het eerste badhuis al duf en moe zijn, besluiten we om na twintig minuten weg te gaan. De illustraties op de schuifdeur vertellen ons dat we niet kletsnat de omkleedruimte in mogen gaan. Onhandig drogen we ons af met een uitgewrongen washandje.

Na een paar minuten komen we aan bij de volgende onsen, die binnen enkel met witte tegels bekleed is en er zo niet bijzonder uitziet. Nadat we opgewarmd zijn, haasten we ons daarom naar het buitenbad. Ondanks het gebrek aan ruimte weten we een goede plek te bemachtigen. Een onsen is traditioneel buitenshuis, maar tegenwoordig zijn er vele overdekte onsens te vinden. Ik merk dat ik moeite begin te krijgen met de hitte, dus ik focus op de kou. Verder geniet ik van de tuin, die mooi is ingericht met middelgrote stenen en donkergroene planten. We praten zacht met elkaar om de anderen niet te verstoren. Ik vraag me af hoe het zou zijn om hier zonder mijn familie of vrienden te zitten. Er zijn genoeg mensen om mij heen die dat doen. Toch ben ik blij dat ik een klein praatje kan maken met mijn zus. Na een halfuur rusten we in onze yukata uit op een bankje en kopen we cola uit de automaat, omdat hydratatie heel belangrijk is met zulke temperaturen. Ondanks de cola merk ik dat ik me slap en wazig voel. Gelukkig hebben we nog maar twee bezoeken te gaan. 

Voor het eerst maak ik een onsen mee die alleen een buitenbad heeft. Deze is heel populair, maar omdat dit bad enorm is valt het mee met de drukte. Water stroomt uit een waterval en sfeerlampen branden in de schemering, terwijl verschillende lichamen – jong, oud, dik, dun – rustig door het water bewegen. Het valt me op dat de vrouwen hier hun washandje voor hun borsten houden wanneer ze opstaan en buiten het bad lopen. Grappig, omdat dit heel nutteloos lijkt: je ziet elkaar toch wel naakt als je in het water zit. Een aantal vrouwen heeft hun tattoos met pleisters bedekt. Wellicht zijn ze zich niet bewust van de uitzondering in Kinosaki, of voelen ze zich ongemakkelijk tussen alle mensen zonder kunst op hun lichaam. Ineens komt er een idee voor een haiku in mij op. ‘De warmte stijgt op. Zoveel naakte lichamen —’. Nee, dat klinkt fout en onbedoeld erotisch. Misschien kan ik beter met een koel hoofd schrijven.

De laatste onsen zou goed zijn voor de vruchtbaarheid en bevalling bij vrouwen. Het bad is klein en diep en het water is gloeiend heet. Mijn been lijkt te verschrompelen in dit water. Hoe kan dit gezond zijn als dit het tegenovergestelde van de Wim Hof-methode is? Ik weet niet hoe ik het voor elkaar gekregen heb, maar ineens zit ik tot mijn middel in het water. Deze onsen lijkt heel oud, omdat het overgrote deel van hout gemaakt is. We horen een galm van mannenstemmen uit de ruimte naast ons. Heel mijn lichaam is nu een en al omahand geworden, maar het doet er niet toe. Ik krijg er immers een veilige bevalling voor terug.

Plaats een reactie