Wereldrestaurant A2

Wekenlang hebben we gefantaseerd over hoe een arrangement van twee uur wordt bijgehouden. Word je na twee uur uit het restaurant gezet, of krijg je een pasje om toegang te krijgen tot het buffet? Wordt je naam aan het eind van de shift door een intercom omgeroepen, of komt er hoogstpersoonlijk iemand aan tafel om je te vertellen dat de tijd erop zit? Want voor de duidelijkheid, in het A2 Wereldrestaurant zijn er geen vaste shifts: je kan om 18:00 uur aanschuiven, maar ook bijvoorbeeld om 19:05 of 19:30. 

Bij binnenkomst bleek de waarheid al snel minder indrukwekkend. Achter een balie staat een medewerker. Terwijl die controleert of uitgaande gasten niet stiekem eten meesmokkelen, vraagt hij  hoe lang je wilt dineren. Nadat we hebben aangegeven voor het twee uur durende arrangement te gaan – zoals de meesten – volgt de betaling: 41 euro per persoon. Vervolgens krijg je een bonnetje waarop de begin- en eindtijd staat vermeld, die je na afloop weer moet inleveren. Om 19:55 ging onze tijd in. Dat betekende dat we om 21:55 weer bij de balie moesten staan met ons bonnetje. Echter, zouden we langer willen blijven dan de 2 uur? Geen probleem. Dan betaal je 4 euro extra per half uur. 

We kregen een tafeltje toegewezen aan het raam. In de verte zag je de ‘skyline’ van de Zuidas, die door de laaghangende zon in een goudgeel jasje werd gestoken. In het glas spiegelde het glinsterende water van de naastgelegen Ouderkerkerplas. Kortom, ons zicht verraadde op geen enkele manier dat we in werkelijkheid boven het filiaal van de Keukenkampioen bij het A2 knooppunt Holendrecht zaten te dineren. Het had eerder iets weg van Dubai. Maar eerlijk is eerlijk, het uitzicht kon ons gestolen worden. Links van ons lag de wereld die er tussen 19:55 uur en 21:55 uur daadwerkelijk toe deed: de wereld van het buffet. 

Ossenhaas, mini-frikandelletjes, oesters, soesjes, sushi, zoete aardappelfriet, pastasalade, coquilles, kreeft (max 1 p.p.), krab, entrecote, sashimi zalm, sashimi tonijn, kaassouffleetjes, tomatensoep, pangasiusfilet, champion saus (al smaakte die eerder naar champignons), tofu, minipizza salami en last but not least: in joppie saus gemarineerde garnalen. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de voorraad drinken. Dus bij deze: fristi, chocomel, Pepsi cola, Rivella, Fanta en God mag weten wat nog meer. Zoals op de website vermeld, was het arrangement ook inclusief bier en wijn. Zo kon je je eigen Heineken biertje tappen. En voor de wijn gold hetzelfde: droge witte, zoete witte en rode wijn stroomden rijkelijk uit een aparte tap. 

Van tevoren hadden we een plan uitgedacht om de twee uur op te delen in vier rondes van twintig minuten. Deze waren bedoeld voor eten en drinken. De resterende tijd was gereserveerd om uit te buiken, een praatje te maken en om alvast het menu van de volgende ‘gang’ te bepalen. 

Om 19:56 uur begonnen we aan onze eerste gang die in het teken stond van de Japanse keuken. We doken gretig op de sashimi. Nog voordat het achtuurjournaal was begonnen, was de halve Noordzee aan zalm al opgeschept. Vervolgens richtten wij ons met name op de sushi-kant. Met de klemtang dienden we de ene na de andere maki, California roll, uramaki en negri op ons bord. Door de overdaad aan keuzes zag Just de oesters over het hoofd. Gelukkig heeft Noam een goed oog én een goed hart en herverdeelde als een echte sociaal democraat zijn dozijn. 

Nadat onze borden goed waren gevuld, was het tijd om aan te vallen. Om minder snel vol te raken had Just gelezen dat het verstandig is om zo min mogelijk te kauwen. Wat dat betreft voldeed de sashimi prima. Die is immers zo zacht, dat ie haast direct door de keel glijdt. Ideaal, al is hij wel wat aan de koude kant. Noam moest dan ook meermaals zijn eetpartij staken vanwege een brainfreeze. Overigens waren wij niet de enige die het advies om zo min mogelijk te kauwen eerder zagen als een devies. Overal om ons heen werd geschrokt. Waar filosoof Theodor Adorno stelde: eerst de theorie, dan de praktijk, blijkt in het wereldrestaurant het tegenovergestelde waar. Hier is het: eerst vreten, dan praten. 

De tweede ronde aten we vlees. Terwijl Just toezag op de bereiding van negen malse stukken entrecote annex halve koe, ontpopte Noam zich als sommelier en tapte een bijpassend wijntje: een hele mooie rode wijn. En ook weer niets dan lovende woorden over het eten. Het vlees was perfect: mals met een rokerige smaak door de grill. En ook de rode wijn: die was daadwerkelijk een rode wijn! Het was alleen wat veel. Voor het eerst deze avond begon Just hapjes uit te delen en de sommelier te zweten. 

Uiteindelijk lukte het ons natuurlijk. Op de verdwaalde garnaal Joppiesaus, de restanten rijst en enkele friet na, waren onze borden leeg. Een van de obers, Gregorio, vond het afdoende en nam onze borden mee. Gregorio werkt al sinds het begin bij het Wereldrestaurant A2, maar slaat binnenkort een nieuwe weg in: hij wordt vliegtuigbouwer op Schiphol. Waarom weg? Vroegen wij ons af. Naar eigen zeggen is Gregorio klaar met vervelende gasten. Zo maakt hij het geregeld mee dat gasten hun eten verstoppen onder het tapijt, de verwarming of de wc om zo een boete op voedselverspilling te voorkomen. 

‘En al die moeite voor niets!’ Nog nooit – ondanks de waarschuwing bij de ingang – heeft iemand volgens hem een boete gekregen. 

De twee mensen achter ons leken ervan op de hoogte dat de ‘boete’ een loos dreigement is. Ze waren in ieder geval niet onder de indruk van Noam, die hen duidelijk maakte dat ze hun vijf borden met kreeft en krab wel moesten opeten: ‘Ja ja, dat komt goed’, zei de man terwijl hij met lange tanden begon aan zijn tweede bord. 

Ondanks Gregorio’s stuitende verhalen, ging het deze avond er best beschaafd aan toe. Zo ver wij konden bespeuren: geen eten onder het tapijt of een van de verwarmingen. Ook op de wc trof de recensent geen verdachte sporen aan. Ja oke, op een van de wc-brillen zat een bruine streep: vermoedelijk een restant van de chocoladefontein, maar voor hetzelfde geld ging het hier om een klassiek remspoor.

Inmiddels waren wij al meer dan tien minuten uitgegeten. Dat betekende dat we langzamerhand voorbereidingen moesten treffen voor het derde bord. Echter, Noam noch Just was klaar voor de derde ronde. Noam opperde dan ook om even op de trampoline te gaan in de bijbehorende speeltuin. Beweging schijnt te helpen om de spijsvertering op gang te helpen – had hij gelezen op het Internet. Desondanks schudde Just zijn hoofd: eenmaal op de trampoline was hij bang dat bord één en twee dan ook de lucht in zouden gaan. Een prima argument, aldus Noam. In plaats van te springen brachten we onze blessuretijd door met Henk en Ingrid*, die aan de tafel naast ons zitten. 

‘You have to stay hydrated’, zei Ingrid terwijl ze naar haar glas witte wijn wees die vooral was gevuld met ijs. We knikten. 

Henk en Ingrid komen sinds de opening van het Wereldrestaurant A2 bijna elke week over de vloer. De medewerkers kennen hen van gezicht. 

‘De kok had een keer een speciaal gerecht voor ons gemaakt. Zo lief’, zei Henk ditmaal. 

De reden waarom Henk en Ingrid zo vaak terugkeren, komt doordat je vooraf weet hoeveel je uitgeeft. Daarnaast trekt het uitgebreide buffet hen. Alhoewel ze er al tientallen bezoeken op hebben zitten, hebben ze nog steeds niet alles kunnen proberen. Dat komt misschien ook wel door hun voorkeuren. ‘Ik ben van de verse grill’, aldus Ingrid. Henk houdt vooral van sushi. 

Vandaag hebben ze het twee uur arrangement genomen. Af toe gaan Henk en Ingrid voor het arrangement van drie uur: ‘Dan hoef je niet zo te haasten’, aldus Ingrid. 

In de film de Marathon (2012) stelt Yoessoef (Mimoun Oaïssa): ‘De eerste 30 kilometer train je, de rest ren je op karakter.’ En zo zie je maar: woorden doen ertoe. Woorden inspireren. Want mag één ding duidelijk zijn: dit was onze marathon. Onze strijd. We konden niet meer lopen. Of zoals Noam het zei: ‘Mijn lichaam zegt dat ik moet stoppen’. Maar we moesten en zouden de eindsprint trotseren. Nog een bord, Het laatste bord. We hadden toch niet de ruggengraat van een banaan? 

In de laatste meters werden we opgewacht door een linie van frikandelletjes en kaassouffleetjes, een berg patat, sesamballen en springrolls en als kers op de taart het dessert. 

Karakter draait niet om de inleving of het vermogen de verbeelding te laten spreken. Karakter is een houding, een actieve houding. Ook al stond de verlossing, het einde van de race, het einde van de sprint, ons helder op het netvlies. Het was niet genoeg: niet de verbeelding, maar onze mond, onze benen, onze maag moesten uiteindelijk deze klus klaren. Zwoegend en zwetend baanden we ons een weg door de berg aan frituur totdat er alleen nog wat paneer kruimels overbleven. We gingen de hoek om, keerde frituurland de rug toe en richtte onze ogen op de ‘dessert corner’. We aten nog een soesje, een stukje spekkoek, een macaron en…. En toen, toen was het klaar. De verbeelding was niet langer een verbeelding. De borden waren leeg. De strijd was gestreden. Vier bergen eten, acht glazen wijn verder vliegen we elkaar in de armen. Naar de wereldkeuken kwam je om te winnen. 

Wat maakt het Wereldrestaurant toch zo mooi? Dat is een vraag die moeilijk te beantwoorden is in twee uur tijd. Toch zullen we een poging wagen. Het is niet zozeer de overdaad aan keuze, waar Henk en Ingrid het over hadden. Het draait eerder om een gebrek. Voor twee uur begeef je je in de wereld van Markies de Sade. Een wereld van twee hectare waar de wetteloosheid regeert. Alles mag, alles kan. Fristi met Matcha ijs? Prima. Sashimi onder de witte chocoladefontein? Doen we. Hiermee overstijgt de wereldkeuken het alledaagse. 

En natuurlijk, niet alles is perfect, noch qua smaak noch qua sfeer. De pekingeend is taai in plaats van sappig, de chocoladefontein proeft chemisch. Daarnaast is het personeel onbenaderbaar door de heersende taalbarrière. Als we aan de sushichef vragen hoeveel stukjes hij per avond maakt, wijst hij naar de stukjes maki links van hem: ‘Maki’. Bovendien, als we een van de vrouwelijke werknemers vragen of ze het leuk heeft binnen het A2-team, blijft het stil. In plaats van een antwoord krijgen we even later weer Greogorio voor onze neus: ‘Jullie hadden een vraag?’. 

De bedrijfsleider legt uit dat iedereen, op hem en Gregorio na, alleen Chinees spreekt.

‘Wij willen de ultieme service bieden en Nederlanders eisen te veel: die willen vakantiedagen.’ Volgens hem houden Chinezen daarentegen er een beter arbeidsethos op na. Ze werken zes dagen. En: hoe meer mensen komen eten, hoe blijer ze zijn, aldus de gastheer. 

Het is inmiddels bijna 21:55 uur. We leveren ons bonnetje in en nemen de trap naar de uitgang. 

*Dit is een gefingeerde naam. De echte naam is bij de redactie bekend.

Plaats een reactie