Op zoek naar de restanten van Mona Keijzer 

Er is veel veranderd en veel vergeten. Laatst keek ik door mijn filmrol en stuitte ik op een foto van Gom van Strien. Wat die daar deed, te midden van vakantiefoto’s, is mij een raadsel. Maar duidelijk is dat hij past in de eindeloze rij van politieke eendagsvliegen wier collectieve herinnering inmiddels is ontbonden, zoals een banaan op de stoep. Wie denkt er nog dagelijks aan Ronald Plasterk? En wie aan Henk Krol? Toch is er een moment dat gekerfd staat in mijn geheugen: de dag dat Mona Keijzer naar voren werd geschoven als premierskandidaat. In een zaaltje, niet groter dan een Amsterdamse studentenkamer, verzamelden BBB-dissidenten om het heuglijke moment samen te vieren. 

Caroline van der Plas had alles uit de kast getrokken. Maar dan ook echt alles. Zo droeg ze een nylon BBB-jas, die meer leek op een vlag die zij om haar lichaam had gedrapeerd. Terwijl ze het woord nam, ontvouwde ze een A4’tje, alsof ze de winnaar van de Oscars mocht presenteren. Dat was niet voor niets; de voorvrouw had grootse verwachtingen van de Volendammer Mona Keijzer. In De Telegraaf sprak Caroline over ‘het pakketje Mona’: een vrouw die begaan is met de regio en houdt van de kermis en van paling. Ook Keijzer vond zichzelf als premierskandidaat uiterst geschikt: ze wist ‘hoe ministeries werken’. Twee jaar later blijken de meeste dromen bedrog. BBB is op sterven na dood en als gevolg van intern gerommel heeft Keijzer de boerenfamilie vaarwel gezegd. Wat is er nog over van het ‘Mona-enthousiasme’ in haar thuisstad Volendam? 

‘Mona, die kennen we wel’, is het veelgehoorde antwoord op de zaterdagmarkt in Volendam. Toch zijn de meesten terughoudend om verder uit te wijden over hun band met de politica. Bij de kraam waar lingerie wordt verkocht, kan je praten over alle soorten en maten bh’s. BH’s met bloemetjes of juist met een effen patroon, met of zonder vulling, maar als ik de naam Keijzer laat vallen, is het gesprek snel voorbij. ‘Daarvoor moet je bij de dame van de kunstbloemenzaak zijn’, aldus de marktkoopvrouw. Maar ook de kunstbloemen verkoper blijft, net zoals met haar verkoopmateriaal, liever weg van het ‘echte’. ‘Ik paas hem door’, is het enige wat ik uit haar krijg. 

In de oude haven, bij Café De Dijk, drinkt een man een cola. Hij stelt zichzelf voor als Frits de Lange, maar geeft in dezelfde zin nog toe: ‘Frits is niet mijn echte naam, dat is Edwin.’ We mogen hem alles vragen, ‘als jullie maar niet van Extinction Rebellion zijn’, voegt Edwin annex Frits eraan toe. Want daar is hij niet van te spreken, net zoals de meeste politici in Den Haag. En ja, ook Keijzer is een van de ‘poppetjes van de poppenkast’. Edwin heeft meer met Lidewij de Vos. Die vertelt het echte verhaal. Bij het Volendam Museum is de sfeer minder verhit. Een vrouw die alleen met haar initialen RS in de krant wil – ‘RS van roestvrij staal’, aldus RS – heeft weinig vertrouwen in de politiek. Desondanks heeft ze een positieve indruk van Mona: ‘Je krijgt bij haar wat je ziet’, stelt RS terwijl ze een sliert tabak van haar sigaret tussen haar tanden pulkt. Ook Iwan Visscher en Ramon Tol, respectievelijk fractievoorzitter en raadslid van VD80, de grootste partij van Volendam, vinden Mona ‘een krachtige vrouw’. Visscher kwam haar vorige zomer tegen bij de kermis, waar ze zich tevergeefs probeerde te verschuilen achter een zonnebril en een pruik. Toch praten de heren liever over andere zaken. Als ik hen vraag hoe blij ze zijn dat Frans Timmermans niet de premier is geworden, op een schaal van 1 tot 10 word ik midden in de zin onderbroken. ‘Tien’, zegt de fractievoorzitter stellig. Ramon knikt instemmend. De woorden ‘zakkenvuller’ en ‘hypocriet’ vallen. 

Terwijl de markt tot zijn eind komt, loop ik richting Restaurant-café Van den Hogen, waar Keijzer zich in 2025 nog liet interviewen door de krant Visserij Nieuws. Ik bestel een cappuccino. Achter mij wordt een oude man boos op zijn jonge collega, omdat hij de kopjes niet goed heeft gestapeld. Naast me praten drie vrouwen over de tafel die een van hen zojuist heeft gekocht. 

Uit een stuk van NRC blijkt dat eenmansfracties vaak ‘roemloos’ ten ondergaan en na de volgende verkiezingen niet terugkeren. Of hetzelfde geldt voor Keijzer? Duidelijk is dat van het enthousiasme waarmee ze ooit door Caroline werd onthaald, ook in haar thuisstad Volendam nog maar weinig over is. Het lijkt erop dat Keijzer ook hier zal uitdoven tot een vergeten ziel. Op de kermis hoeft ze binnenkort geen zonnebril en pruik meer te dragen.

Tekst Noam Grünfeld, beeld Lesine Möricke

Plaats een reactie