Een gigantische pinguïn

In een café zei iemand ooit dat literatuur niet te herkenbaar moet zijn, omdat het dan vervalt in clichés. Evenmin dienen voorbeelden, thematiek en de verhaallijn abstract te zijn, want: vervreemdend. Doortje Smithuijsen, die dit jaar het Boekenweekessay Ik zou uw dochter kunnen zijn heeft geschreven, slaagt er uitstekend in om juist deze beide flanken te bespelen. Al snel komt zij op de proppen met een anekdote over boomers in een ‘arthouse-bioscoop’. In hun ‘linkse kwaliteitskrant’, zoals Smithuijsen maar al te gretig blijft herhalen, hebben ze gelezen over een film die ze graag willen zien. Er is alleen een probleem: de film is uitverkocht. Wat volgt is een tirade aan ongeloof: ‘’Nnaahhh.’ ‘Hhhuuuhh?’ ‘Zzèèèèggggg.’’. Smithuijsen grijpt meermaals op deze anekdote terug. Volgens haar is het immers typerend voor de naoorlogse generatie. Boomers zijn het niet gewend om tegengewerkt te worden. 

Een goede vriend van mij werkte ooit bij een door Smithuijsen genoemde ‘arthouse’-bioscoop, waardoor ik er regelmatig over de vloer kwam. Sterker nog: ik kwam vaak genoeg in de bioscoop die Smithuijsen beschrijft te herkennen. Om dezelfde reden weet ik dat het betoog van Smithuijsen totaal overtrokken is en daarmee elke vorm van inbeelding in de weg staat. Ik heb nog nooit een groep ouderen mogen aanschouwen die tekeer gaat tegen het personeel, omdat een film uitverkocht zou zijn. 

Aan de andere kant worden ook de millennials op een clichématige wijze afgeschilderd. Volgens Smithuijsen staat deze generatie chronisch in de rij voor een zuurdesembrood, voorovergebogen om op Insta een post over sociaal onrecht te delen zonder een woord fysiek met haar medemens uit te wisselen. Kortom: de millennial is apathisch, egoïstisch en decadent. Kortom: overdrijven is ook een vak. Ik hoor niets over woningcoöperaties die zijn opgezet door veertigers, of zoals Trouw terecht opmerkt, iets over de protesten die juist bezocht worden door zowel jong als oud.

Natuurlijk is het makkelijker om een boek de grond in te boren. Bovendien: dat is bij Ik zou uw dochter kunnen zijn al genoeg gedaan, waarmee ik het risico loop zelf in clichés te vervallen. Echter, hoewel het essay om de genoemde redenen weinig nieuwe inzichten biedt, is het vooral een ander aspect dat mij stoort: Smithuijsen’s werk is wars van nostalgie, ademt ressentiment richting de oudere generatie en vervalt daarmee tot een zwaarmoedig resultaat. Alsof vroeger echt alles beter was: voor de boomers was het inderdaad makkelijker om een huis te kopen en was de verzorgingsstaat nog niet verminkt. Tegelijkertijd: abortus, het homo-huwelijk, aanpak van huiselijk geweld? Non existente.

Hoe anders is de stijl van psycholoog en filosoof Marian Donner, die zich in haar Zelfverwoestingsboek keert tegen de maatschappelijke stroming van perfectionering, productiviteit en prestatiedrang. Als er een record aantal burn-outs, depressies en angststoornissen zijn, laat dat zien dat er niets mis is met ons, maar met de maatschappij.  Maar in tegenstelling tot Ik zou uw dochter kunnen zijn, heeft haar Zelfverwoestingsboek geen teneergeslagen ondertoon. In plaats daarvan pleit zij, met de genoemde diagnose in het achterhoofd, voor een leven met spel, plezier en vooral lichtzinnigheid. 

In het boek Rooksignalen, een bundeling van korte essays en columns, borduurt zij hierop voort. In het oog springt het verhaal ‘Een grapje’, over enorme sporen die zich tekenen op het strand van een klein dorpje. Al snel ontstaat het gerucht dat deze sporen wijzen op een reuzenpinguïn. Maar, na jarenlange speculaties, verscheidene krantenartikelen en biologische studies, onthult een man zijn geheim. Hij zat achter de sporen, die hij elke nacht trok met enorme ijzeren schoenen. Donner sluit af: ‘Als ik om me heen kijk zie ik vooral een teveel aan letterlijkheid. Te veel directheid, te veel meningen en gevoelens, te veel zwaarte, te veel technologie, veel te veel controledrift. Wat ik mis is een gigantische pinguïn.’ 

Toegegeven, het is niet altijd even gemakkelijk om lichtzinnig in het leven te staan. De geopolitieke spanningen en ellende hangen als een donkere sluier over de toekomst en onthullen daarmee een zekere zwaarte. Daarnaast sluit lichtheid geen zwaarte uit. Dat blijkt uit de roman De ondraaglijke lichtheid van het bestaan van Kundera, waarbij lichtzinnige personages zoals Thomas ook iets zwaars met zich meedragen. 

Maar, in plaats van te verlangen naar vroeger, het makkelijkere leven, kunnen we beter het leven van nu makkelijker maken. Helaas draagt het gedachtegoed van Smithuijsen daar niet aan bij. Zwaarte biedt ons geen perspectief, ze ontneemt ons enkel het zicht op een gigantische pinguïn.  

Tekst Noam Grünfeld, beeld Ieke Meijer

Geplaatst in GGG

Plaats een reactie