Tekst door Phoebe Meekel, beeld door Lesine Möricke
Toen ik veertien jaar oud was, plaatste ik regelmatig foto’s en video’s op mijn Instagram. Op een gegeven moment had mijn account zo’n honderd berichten, die ik later voor het overgrote deel heb verwijderd. Als ik deze nu in mijn archief bekijk, krimp ik ineen van schaamte. Hoe kon ik toch ooit zo ontzettend trots zijn op deze verschrikkelijke berichten?
Soms is het fijn om je te herinneren hoe de basisschool of de brugklas was. Je lijkt dan een ander persoon te zijn dan die je nu bent: ik kletste nog meer dan dat ik nu doe, mijn scheve tanden waren nog niet rechtgezet door een beugel en de slis kwam toen veel meer tot uiting. Mijn geheugen is helaas slecht en ik kan ook niet terugreizen naar het verleden. Ook kan ik niet bladeren in een dagboek om mijn oude gedachten te lezen, want het is mij na vele vergeefse pogingen nooit gelukt om er een bij te houden.
Gelukkig vond ik negen jaar geleden de Photo Booth app op de huiselijke computer buitengewoon interessant, en heb ik daar vele parels op gemaakt. Zo heb ik prachtige video’s waarin ik zing, acteer of mijn danskunsten laat zien. Hierin geef ik instructies over hoe de danspasjes verlopen en tel ik mee met de maat van de muziek. Het lijkt zelfs wel alsof ik les sta te geven. Maar terugkijkend vraag ik me af aan wie ik eigenlijk les geef: de computer? Wanneer ik uit de Photo Booth app ga, verplaats ik mijn cursor naar de iMovie app en open ik deze. In tegenstelling tot Photo Booth is hier geen sprake van losse video’s, maar is er een film van twintig minuten die ik met een vriendin had gemaakt. Het is een chaos, door de vele onduidelijke plottwisten en scènes waarin ik schreeuw. Acteren was toen duidelijk een passie van ons en ik moet er nog steeds om lachen.
Ik vind het leuk om naar deze oude video’s en foto’s te kijken, omdat de grote fantasie die ik destijds had hierin zo duidelijk naar voren komt. Dit archief op de computer gaat helaas niet tot in het oneindige door, aangezien ik deze apps op een willekeurige dinsdag niet meer interessant vond. Op het middelbaar maakte ik namelijk mijn eerste Instagram-account aan, waardoor mijn ogen zich het merendeel van de dag begonnen te focussen op het scherm van mijn telefoon. Deze app was fantastisch, ik hoefde mijn computer niet meer tot publiek te maken: ik kon nu volgers krijgen! Ik wilde als een grappig persoon gezien worden, dat gewoon ‘lekker zichzelf’ is, dus plaatste ik af en toe een foto waar ik grappig opstond. En met af en toe bedoel ik meerdere malen per week.
Naast de vele foto’s die ik plaatste, deelde ik ook video’s waarin ik danste en een filmpje waarin ik samen met een vriendin een meet & greet had met Dylan Haegens. Ik vond mezelf heel cool en was dan ook trots op mijn berichten. Maar na een aantal jaar vond ik dat dit te veel van het goede was, en besloot ik ze daarom stuk voor stuk te archiveren.
Ook door in het archief van Instagram te kijken, reis je terug in de tijd. Maar in tegenstelling tot de vele kunstwerken op de computer, vind ik het vreselijk om naar mijn gearchiveerde berichten op Instagram te kijken. Hoe kon ik mezelf toen zo cool vinden, terwijl ik er nu met zoveel afgunst naar kijk? Terwijl ik door mijn gearchiveerde berichten scroll, schaam ik me steeds meer: het doet gewoon een beetje pijn. Maar hoezo vind ik deze posts zoveel erger dan de video’s op mijn computer, terwijl ik hier ongeveer hetzelfde deed als toen?
Net als velen had ik een periode in mijn puberteit, waar je je achteraf voor schaamt. Ik voelde mij toen, en waarschijnlijk velen met mij, als de hoofdpersoon in een verhaal. Maar door sociale media als Instagram heb ik deze ongemakkelijke periode met allerlei mensen – ook onbekenden – om mij heen gedeeld. Dit besef maakt de pijn die ik ervaar bij het zien van mijn gearchiveerde berichten nog erger. De vele dagboeken die ik nooit heb bijgehouden en de kunstwerken op de computer waren daarentegen alleen voor mij (en mijn gezin) te zien.
Maar het is fijn om te beseffen dat je het zelf ongetwijfeld vele malen erger vindt om aan deze tijd terug te denken dan anderen. Sterker nog, anderen denken waarschijnlijk niet eens terug aan jouw ongemakkelijke periode, maar denken aan die van zichzelf! En bovendien had ik, en waarschijnlijk jij ook, het toen ontzettend naar mijn zin. En dat is het belangrijkste.
