Wijlen Zweigs Europa

Tekst door Job Korten, beeld door Alicia Koch

Tijden veranderen, zegt men. Een simpele en ongetwijfeld ware stelling, maar er zou bij kunnen worden gezegd dat deze veranderingen op den duur ook verschrikkelijk ingrijpend zijn. In De Wereld van Gisteren lezen we over een man van zijn tijd, en over de grootte van zijn rouw wanneer deze verandert.

Er bestaat een discours over de ‘Chinese’ vloek: May you live in interesting times. Al sinds de jaren twintig wordt er – veelal in Britse kringen – over gesproken. Er is overigens geen corresponderende Mandarijnse bron gevonden die aangeeft dat de vloek daadwerkelijk Chinees is van oorsprong, maar het sentiment staat als een huis voor de doelen van dit stuk. Het leven gedurende interessante tijden is namelijk allerminst aangenaam.

Een dergelijk noodlot trof ook Stefan Zweig, de Oostenrijks-Joodse schrijver van De Wereld van Gisteren; Herinneringen van een Europeaan. Het is een autobiografische beschouwing van het vooroorlogse Europa, waarvan het grootste deel zich verhoudt tot het Wenen waarin Zweig opgroeide.

Zweig verlaat zich op zijn Wenen en schildert een zonnig beeld van een maatschappij waar kunst en laissez-faire hoog in het vaandel staan, onder het wakend oog van de destijds ruim zeshonderd jaar oude Habsburg-dynastie. Zweig schrijft als telg van de hogere middenklasse vanuit een enigszins geprivilegieerd perspectief dat gekleurd wordt door een gebrek aan geldzorgen, maar een betreffend gemak leest wel lekker weg. 

We lezen over de opmaak van de Weense maatschappij, over het doen en laten van de Oostenrijkers, over de educatie en seksuele gewoonten van de tijd. Zweig reist naar een Berlijn dat nog niet heel lang geleden de hoofdstad van het jonge Duitse Keizerrijk is geworden, en naar een Parijs in de bloei van de Belle Époque. De tijd was optimistisch.

En dan verandert ze. Zweig beschrijft in haarfijn detail en met schitterend taalgebruik hoe het regerende idealisme de mensen belette van het zien van de naderende wereldoorlog, en hoe ook hij hieraan ten prooi viel. En vanaf het moment dat de omslag en het naderend onheil hem helder wordt, voel je het noodlottige verdriet tussen de letters trekken, als eenzelfde rot die de beschreven geschiedenis zo ongelukkig maakt. Zo schrijft hij over het verdubbelde verdriet van zijn voortschrijdend inzicht dat alles op instorten staat: ‘In the last analysis it seems likely that they were wiser than I, all those friends in Vienna, because they suffered everything only when it really happened, whereas I had already suffered the disaster in advance in my fantasy, and then again when it became reality.’ 

Maar Zweig schrijft niet alleen over Wenen. Zijn grootste voordeel is zijn drang tot en vrijheid om te reizen. Hij reist gedurende zijn tijd heel Europa af, ook tijdens de oorlog, van de Belgische kust in vredestijd tot het Spanje van Franco, van het Wenen van het Interbellum tot het Londen van de Tweede Wereldoorlog. Overal waar hij komt, ontmoet hij grote artiesten, en het werk doet zo nu en dan ook als een soort cultuur-avengers aan: koffie met Rilke, kibbelen over taal met James Joyce, met Richard Strauss werken aan een opera, een constant in- en uitstromen van grote namen met elk hun eigen gigantische nalatenschap. Zweig had zelfs een huis in Salzburg, aan de andere kant van de vallei waar Hitlers Berghof stond. Hij bevindt zich steeds, al is het in een ongelukkige tijd, op de juiste plekken.

Zweig reist naar een Berlijn dat nog niet heel lang geleden de hoofdstad van het jonge Duitse Keizerrijk is geworden, en naar een Parijs in de bloei van de Belle Époque.

En hierin zit de hartverscheurende kwaliteit van het boek. Zweig was de juiste man op de juiste plekken, met de vaardigheden om een naslagwerk te schrijven dat de complexiteit en grootsheid van de periode de nodige ernst verleent. Maar hoewel het de juiste man op de juiste plekken was, gaat die enorme toevalligheid gebukt onder een tijd waarin voor hem, voor het Europa dat hij zo liefheeft, alles overal verkeerd gaat. De Wereld van Gisteren is evenzeer een autobiografie als een afscheidsbrief. Een zwanenzang voor een wereld waar Zweig vaandeldrager van was en, zoals zou blijken, voor Zweig zelf.

Want uiteindelijk, buiten de perken van het boek, hebben Zweig en zijn vrouw samen hun leven beëindigd in Brazilië, in 1944. Ver van het avondland dat zijn levensbloed was, en dat hij verloren had. Hij stuurde kort daarvoor het manuscript naar de uitgeverij, en de eerste edities zouden al in de laatste jaren van de Tweede Wereldoorlog uitkomen.

De Wereld van Gisteren is een klein wonder. Het is een afscheidsbrief en een rouwkaart voor een Europa waar wij vandaan komen en een Europa dat Zweig verloor. In onze dagen, die best als interessant zouden kunnen worden vervloekt, denk ik veel aan een wet die Zweig opstelt: Geen enkele toeschouwer van belangrijke omwentelingen kan deze aan hun begin herkennen. Mocht je deze zomer nog niks te lezen hebben, dan kan ik moeilijk iets relevanter bedenken dan dit tachtig jaar oude boek.

Stefan Zweigs Schaaknovelle, het laatste verhaal dat hij schreef, verscheen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het verhaal gaat over twee schakers op een boot; er wordt dus geschaakt, hoe kan het ook anders. Koning op F7, pion op G5, enige, elementaire kennis over schaken is gewenst, maar niet noodzakelijk. Vergelijkbaar met The Queen’s Gambit, de populaire serie op Netflix, die ook prima te bekijken was zonder verstand van paardensprongen, rokades en en passant slaan. 

Net als in De wereld van gisteren weergalmt de oorlog in Schaaknovelle. De Nazi’s en Hitler worden expliciet genoemd. Dr. B., een van de twee schakers, werd maanden gevangen gehouden door de Gestapo. Tijdens zijn gevangenschap leerde Dr. B. zichzelf met behulp van een schaakboek schaken, waarin hij zo onderlegd raakt dat hij het niet direct aflegt tegen het andere hoofdpersonage, wereldkampioen schaken Czentovic. 

Op de middelbare school las ik het eens auf Deutsch, ploegend door naamvallen, voorzetsels en woorden waarvan ik de betekenis net niet, of eigenlijk, volstrekt niet begreep. Bij het herlezen van de novelle in het Engels valt de schoonheid van de tekst me op, de scherpe inzichten van Zweig. Zoals Dr. B. die over zijn eenzame opsluiting beschrijft: ‘For, as is well known, nothing on earth puts more pressure on the human mind than nothing. Locking each of us into a total vacuum, a room hermetically sealed off from the outside world, instead of beating us or exposing us to cold – this was meant to create an internal pressure that would finally force our lips open.’


Als De wereld van gisteren deze zomer in je rugzak belandt, neem dan ook Schaaknovelle, in de Nederlandse of Engelse vertaling mee, of natuurlijk het Duitse origineel.

Plaats een reactie