Hoe laat is het? Solidariteit.

Tekst door Just Pallandt, beeld door Noa Blom

Voor wie het nieuws volgt of zich vaak begeeft in het centrum van Amsterdam, lijkt het af en toe alsof er dagelijks een dozijn demonstraties plaatsvindt. Per toeval belandde ik met een vriend bij een demonstratie tegen de bezuinigingen op het hoger onderwijs. Wat volgde was een middag vol friet, FNV’ers en (on)geduld dat op de proef werd gesteld. 

Ik vroeg N. of hij koffie wilde drinken. Hij kon niet, hij móést demonstreren tegen de bezuinigingen op het hoger onderwijs. Flauw grapte ik tegenover N. of hij nou voor of tegen de bezuinigingen ging protesteren. ‘Voor’, antwoordde hij lachend, al wist ik natuurlijk dat het tegendeel waar was. We beenden richting het Bushuis, waar een plukje mensen met wat vlaggen en flyers stond. Onderweg vroeg ik me af of er ooit een demonstratie is geweest vóór een bezuiniging en niet tegen. Al snel dacht ik: ja, Extinction Rebellion demonstreert voor een bezuiniging op fossiele subsidies, om maar wat te noemen. 

N. was slecht voorbereid, ik ook. De demonstratie begon niet bij het Bushuis, maar bij Roeterseiland, waarvandaan de demonstranten naar de Dam zouden lopen. N. en ik besloten om alvast op de Dam te wachten. Daar troffen wij een leeg podium en wat opgezette tenten en vlaggen van een vakbond. Als een voorbijganger me had verteld dat de demonstratie net was afgelopen, had ik het zo geloofd. ‘Jij weet zeker dat die demonstratie hier straks is, hè?’ mompelde ik, waarop N. antwoordde: ‘Ja, ja, demonstreren vergt behalve goede voorbereiding ook geduld’. Even later spotten we een frietkar zonder zichtbare menukaarten, prijsborden of pinapparaten. Gratis friet voor demonstranten, vermoedden we. Er was zelfs satésaus. Onze demonstratie was nu al smakelijk en geslaagd, terwijl die nog moest beginnen. Wie goed doet, goed ontmoet. 

Bij het tramspoor dat van Centraal Station naar het Rokin loopt, stonden twee fotografen. Ze hadden joekels van camera’s en leken op vliegtuigspotters. Een van hen leunde tegen een paal en de langskomende trams scheerden rakelings langs hem en zijn camera heen. Hij rookte een sjekkie en net als wij waren ze aan het wachten op de stoet demonstranten. Het duurde inmiddels wel erg lang. Mijn ongeduld speelde weer op. 

De demonstrerende studenten en medewerkers liepen niet langs het Allard Pierson, de Uniqlo of de Scheltema, maar via een andere route, waarschijnlijk over de Nieuwezijds Voorburgwal, want uit die hoek van de Dam kwam lawaai. De mannen met hun camera’s snelden paniekerig die kant op, wij ook. Er werden leuzen gescandeerd over het belang van wetenschap en de onzin van de bezuinigingen. Het voelde alsof er groepsgewijs geroepen werd dat water nat was en toch voelde het belangrijk om mee te roepen. Al was het maar omdat een aantal politieke partijen, die de democratische meerderheid in het parlement hebben, op wetenschap wil bezuinigingen. Zij zeggen: water is niet nat. 

Duizenden studenten, docenten en ondersteunend personeel schreeuwden kernachtige, driewoordige slogans.

Een enthousiaste man in een rood FNV-hesje beklom het podium. Hij bracht de microfoon naar zijn mond. Hij vertelde ons dat het programma, toespraken van een acht- of negental sprekers, over een klein uur zou beginnen. Ik liep nogmaals naar de frituur om een patatje naar binnen te werken.

De praatjes van de sprekers vertoonden veel gelijkenissen. Het was duidelijk dat er van tevoren niet overlegd was; ‘Als jij dit zegt, dan zeg ik iets anders’. Ook werd er af en toe gegoocheld met getallen. Waar miljard bedoeld werd, werd miljoen gezegd. Zo bezien worden onderhandelingen met ministers of politici nog best moeilijk. 

Duizenden studenten, docenten en ondersteunend personeel schreeuwden kernachtige, driewoordige slogans. ‘Stop de sloop, stop de sloop.’ en ‘Doe het niet, doe het niet.’ In hoeverre de demonstraties – deze middag op de Dam was onderdeel van een estafette van demonstraties in Nederland – effect hebben gesorteerd, moet nog blijken.

Plaats een reactie