Eye eye captain! Wortels als wapens in WOII

Tekst door Suzanne Toussaint, beeld door Alicia Koch

Als kind heb ik als een paard wortels gegeten. Alleen gekookt vond ik ze niet te vreten (dan is het net babyvoer).Toen ik in groep 5 zat en te horen kreeg dat ik een bril moest, zette ik grote ogen op: waar waren al die wortels dan niet goed voor geweest? Wortels helpen je ogen. Althans, dat is wat iedereen zegt. Maar klopt dat eigenlijk wel? 

De oogarts keek me vriendelijk aan over zijn halfronde brilletje. “Uit de onderzoekjes is gebleken dat je ogen minder goed werken, waardoor je niet meer zo scherp ziet.” Ik begon peentjes te zweten. Zou ik een bril moeten? Dat wilde ik helemaal niet! Zo’n ding was superonhandig tijdens het buitenspelen en hoe moest ik dan 3D films kijken? “Maar, maar, kan ik dan niet gewoon heel veel wortels eten?” stamelde ik. De oogarts moest een beetje lachen. “Het kan nooit kwaad om je groentjes op te eten, maar ik denk niet dat dat heel veel zal helpen.” De volgende dag stond ik, enorm geërgerd, met mijn moeder brillen te passen bij de opticien. 

Oranje superhelden

De negenjarige ik was er heilig van overtuigd: wortels maken je ogen beter. Het is echter een van de vele claims vanuit de voedselindustrie die je met argusogen zou moeten bekijken. Soit, de wortelbewering is geen complete onzin. Er zit wel degelijk een kern van waarheid in, maar deze waarheid is opgerekt tot de alomtegenwoordige mythe dat wortels plantaardige superkrachten voor je ogen hebben. 

Dat hebben ze helaas niet, zo vertelt visiondirect.nl (een van de grootste online lenzenspecialisten in Nederland). Ze hebben daarentegen wel bèta-caroteen, wat zorgt voor de productie van vitamine A in je lichaam. Deze vitamine is erg goed voor je ogen: ze zorgt ervoor dat je hoornvlies gezond blijft en zet het licht dat je ogen binnenkomt om in signalen naar je hersenen. Echter verscherpt vitamine A het gezichtsvermogen niet. In sommige, heel uitzonderlijke gevallen, kan het nachtblindheid genezen. Nachtblindheid is een aandoening waarbij je moeilijk kan zien als er weinig licht is. In gevallen waarbij nachtblindheid veroorzaakt wordt door een tekort aan vitamine A, kunnen wortels dit dan ook verhelpen.

Wortels in wartime, blackout in de Blitzkrieg

De wortels van de wortelbewering liggen in Groot-Brittannië ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, waar men alle reden had om zich zorgen te maken over het niet goed kunnen zien in het donker. Tijdens de zogeheten Blitzkrieg regende het ‘s nachts namelijk bommen in Groot-Brittannië. De Duitse Luftwaffe vloog voornamelijk in de nacht omdat het immers een stuk lastiger is om in het donker uit de lucht geschoten te worden dan op klaarlichte dag. 

De Britse regering kon de bombardementen niet met lede ogen aanzien en kwam in actie. Het licht ging ‘s nachts uit in Engeland. De straatlantaarns werden gedoofd en mensen moesten de ramen van hun huizen bedekken. Allemaal zodat de Duitsers, die aan de hand van het licht van steden en dorpen navigeerden, geen idee meer hadden waar ze hun bommen precies moesten droppen.

Het werd er alleen niet veel veiliger op in het Verenigd Koninkrijk. De Luftwaffe had inderdaad meer moeite om de juiste plekken te bombarderen, maar ja, de Britten zelf zagen ook geen hand voor ogen. Al in de eerste maand zorgde de Blackout voor zo’n 1130 verkeersdoden. Dan denk je dat je veilig bent voor bombardementen, sneuvel je in een verkeersongeluk… 

Om het moraal van de Britten toch wat op te krikken, begon het Britse Ministerie van Landbouw op 22 december 1940 met een campagne waarin de bevolking werd opgeroepen om meer wortels te eten. “Als we voldoende wortels in ons dieet opnemen”, luidde het bericht, “zouden we de vrij veel voorkomende ziekte van black-outblindheid kunnen overwinnen.”

Toen AI nog iets heel anders betekende

De regering wist dondersgoed dat deze zogenaamde black-outblindheid echt niet overwonnen werd door het eten van veel wortels (behalve als je dus een vitamine A tekort had). Het bericht was dan ook niet zozeer voor de Britse bevolking bedoeld; het werd gepropageerd om de Duitsers een rad voor ogen te draaien. Ondanks dat de Luftwaffe ‘s nachts vloog en daarmee vrijwel onzichtbaar was, lukte het de Britse luchtmacht (de RAF) toch om aardig wat Duitsers uit de lucht te knallen. Dat kwam omdat de Britten een speciale technologie ontwikkeld hadden, de Airborne Interception (AI) Radar, waarmee ze de Duitse bommenwerpers vanuit de lucht, en dus ook in het donker, konden detecteren. Om de radar onder de radar te houden, werd door de regering bekendgemaakt dat door het eten van veel wortels, de night fighters een spectaculair nachtzicht hadden waardoor het ze lukte om ook in het donker vijandelijke vliegtuigen te spotten. 

De succesvolste nightfighter, John “Cat’s Eyes” Cunningham, werd dan ook tot een ware sensatie opgeblazen (figuurlijk dan). Hij schoot maar liefst 19 Duitse vliegtuigen uit de lucht, met behulp van de AI radar. Er werden foto’s van hem verspreid met heldhaftige bijschriften waarin werd beweerd dat hij hetzelfde nachtzicht had als een kat. Dat zou komen door zijn wortelrijke dieet, dat hem van zoveel vitamine A voorzag dat hij de Duitse vliegtuigen in het donker kon zien. Het is alleen de vraag of de Duitsers er echt met open ogen intuinden; het was niet zo dat ze plotseling alle worteltuintjes in Groot-Brittanië bombardeerden.

Gazonnetjes en voedselbonnetjes

Misschien was het beter geweest als de Luftwaffe wel een aanval was begonnen op de aardappelen en spruitjes van de Britten. Het Britse Ministerie van Voedsel lanceerde aan het begin van de oorlog de Dig for victory campagne. Hierbij werden mensen aangespoord om hun eigen groenten te kweken en hun gazonnetjes te veranderen in moestuinen, Victory Gardens genoemd. Dit om de enorme voedseltekorten -de Duitsers blokkeerden alle voedseltoevoer naar Groot-Brittannië- te verhelpen. Ook parken, sportvelden en bermen langs wegen werden gebruikt om voedsel op te verbouwen: in Kensington Gardens werden kolen en wortels geplant en Windsor Great Park werd volgezet met tarwe. Het plan werkte: in 1945 kwam vijfenzeventig procent van het voedsel uit Groot-Brittannië zelf. En daar hadden de Duitsers niet op gerekend. 

Desondanks leidden de Duitse blokkades toch tot voedseltekorten in het Verenigd Koninkrijk. Veel producten gingen daarom op rantsoen. De Britse bevolking had per week zo’n 100 gram bacon, 60 gram kaas, 60 gram boter en een ei tot hun beschikking. Ik herhaal: per week. Drie keer raden wat er niet op de bon was… Juist, wortels. Die waren namelijk in zowat alle moestuintjes, zowel bij mensen thuis als in grote parken, te vinden. 

Propaganda en patisserie

Het Ministerie van Voedsel beweerde dat de oorlog gewonnen zou worden aan the Kitchen Front. Ze moedigden huisvrouwen aan om verstandig te koken en geen voedsel te verspillen. Recepten waarbij beschikbaar voedsel gebruikt werd ter vervanging voor gerantsoeneerde producten, schoten als paddenstoelen (of als wortels?) uit de grond. Een van de bekendste gerechten uit de oorlog, die ook nu nog gegeten wordt (al is hij inmiddels wel wat meer opgeleukt), is de Woolton pie. Dit is een hartige taart met kool, aardappel en wortel. Deze groenten waren namelijk wél te verkrijgen, in tegenstelling tot, nou ja, zo ongeveer alles wat lekker is. 

Worteltjes werden ook naar voren geschoven als zoetstof in toetjes ter vervanging van suiker. Dit werd in de middeleeuwen al gedaan, maar kreeg een heropleving tijdens de oorlog. De War Cookery Leaflet Nr. 4 van het ministerie stond vol recepten voor wortelpudding, wortelmarmelade, wortelsap, wortelvlaai en worteltaart. 

De carrot cake die je gister bij je iced lavendel matcha latte met kokosmelk, drie pompjes vanille en extra slagroom bestelde, heeft zijn wortels dus in de Tweede Wereldoorlog. Waarschijnlijk was hij destijds een stuk minder lekker. Zonder suiker, boter en roomkaas smaakte de cake vast behoorlijk… om het maar op zijn Engels te zeggen, bland. Ik zou overigens ook niet aanbevelen om een stuk worteltjestaart te bestellen in de hoop dat het je helpt om je gezichtsscherpte te verbeteren. Carrot cake helpt daarentegen wel enorm voor een goed humeur. Driemaal daags een stukje en je zit gebakken!

Suzanne’s carrot cake 

Ingrediënten:

Voor de cake:

-300 g bloem

-1 tl baksoda

-2 tl bakpoeder

-1 tl zout

-2 tl kaneel

-0,5 tl nootmuskaat

-250 ml zonnebloemolie

-4 eieren

-1 tl vanille extract 

-300 g lichtbruine basterdsuiker

-Schil van 1 sinaasappel

-100 g walnoten

-300 g wortels, schoongemaakt

-100 g rozijnen

Voor de roomkaasfrosting:

-100 g boter, op kamertemperatuur

-275 g roomkaas

-125 g poedersuiker

-1 tl vanille extract

Verder:

-Extra walnoten, om te versieren

  • Vet voor de cakes twee ronde springvormen in met boter en bekleed de bodems met bakpapier. Verwarm de oven voor op 175 C. 
  • Roer de bloem, de baksoda, het bakpoeder, de kaneel en de nootmuskaat in een kom door elkaar.
  • Mix de olie, de suiker, de eieren en het vanille extract een paar minuten door elkaar tot een egaal mengsel.
  • Spatel het bloemmengsel door het oliemengsel. Meng niet te lang. 
  • Rasp de schil van de sinaasappel fijn. Hak de walnoten in stukjes. Rasp de schoongemaakte wortels met een grove rasp. Spatel de sinaasappelrasp, de walnoten, de geraspte wortel en de rozijnen door het beslag. 
  • Verdeel het beslag over de twee springvormen. Bak de cakes in 35-40 minuten gaar (als een satéprikker er schoon uitkomt) en goudbruin. Haal de cakes uit de oven en laat ze helemaal afkoelen.
  • Klop voor de roomkaasfrosting de boter een paar minuten met een elektrische mixer tot hij romig en wit wordt. Voeg daarna de roomkaas, de poedersuiker en het vanille extract toe en mix alles nog een paar minuten tot een luchtige en stevige frosting.
  • Leg een cake ondersteboven op een groot bord. Verdeel ⅓ deel van de roomkaasfrosting over de cake. Leg de tweede cake ondersteboven op de frosting. Bestrijk de zijkanten en de bovenkant van de taart met de frosting. Hak een paar extra walnoten grof en versier de taart hiermee.  
  • Eet smakelijk!

Plaats een reactie