Tekst door Elena Cornelisse, beeld door Saoirse Stack
‘Alles is goed zoals het uit handen van de Schepper komt, alles raakt verdorven in handen van de mens.’ Zo begint Rousseau zijn beroemde Emile, de roman die de opvoedkunde heeft geïntroduceerd. Vandaag de dag is het (in het Westen) normaal om kinderen te behandelen als kinderen; in de tijd van Rousseau werden kinderen behandeld als volwassenen. Hoe heeft Rousseau zo’n verandering teweeggebracht?
Rousseau en zijn tijd
Jean-Jacques Rousseau (1712-1778) was de zoon van een horlogemaker. Zijn moeder overleed bij zijn geboorte, waardoor zijn vader noodgedwongen naar een arme buurt moest verhuizen. Om de herinnering aan zijn zoons moeder levende te houden, las hij aan Rousseau de lievelingsromans van zijn overleden moeder voor. Dit intieme gebaar laat zien dat Rousseaus vader hem waarschijnlijk wel als kind zag en hem ook zo behandelde. Dit was erg uitzonderlijk, aangezien toentertijd het sterke geloof heerste dat kinderen, net als volwassenen, inherent vol van zonde waren en op geen enkele manier verschilden van volwassenen, afgezien van lengte en bepaalde biologische functies. Deze gelijkstelling van volwassenen aan kinderen was terug te zien in het feit dat voor een groot deel van de industriële revolutie ook kinderen in fabrieken moesten werken. In Nederland bleef dit voortleven tot het Kinderwetje van Van Houten in 1874, dat kinderarbeid door kinderen jonger dan 12 jaar verbood (112 jaar na de publicatie van Emile).
Deze gelijkstelling van volwassenen aan kinderen was terug te zien in het feit dat voor een groot deel van de industriële revolutie ook kinderen in fabrieken moesten werken
Wie is Emile?
Als oerfilosoof werkt Rousseau in zijn roman met een gedachte-experiment, een soort fictief testpersoon om zijn eigen theorie gelijk toe te kunnen passen. In zijn boek Émile, ou De l’éducation (1762) of in het Nederlands Emile, of Over de opvoeding is Emile het kind waarmee Rousseau probeert te bewijzen hoe goed zijn opvoedingstheorie wel niet is. Door de roman heen zie je Emile in alle menselijke levensstadia doorlopen: kindsheid, puberteit en volwassenheid. Voor al deze stadia stelt Rousseau een verschillende aanpak voor. Maar, voordat Rousseau aan zijn fictieve opvoedingsproject begint, kiest hij een kind dat hem ‘het beste zal bevallen’. Rousseau maakt in zijn roman duidelijk dat Emile specifiek een witte, Franse jongeman is. Hij stelt dat hij niet weet hoe er om moet worden gegaan met ‘donkere mannen’. Vrouwen dienen al helemaal een andere opvoeding te krijgen, omdat zij een heel andere rol toebedeeld krijgen, namelijk die van huisvrouw. Over deze opvoeding heeft hij ook niet veel te zeggen, omdat een goede huisvrouw een voorbeeld moet nemen aan haar moeder.
Maar Rousseau stelt duidelijk dat hijzelf nooit zijn eigen opvoeddidactiek gaat implementeren; hij stelt geen goede ouder te kunnen zijn van een kind. Hier heeft hij ook geen woord van gelogen: al zijn vijf kinderen heeft hij aan een weeshuis afgestaan.
Gezien dit feit rijst de vraag: moeten we hem wel geloven als het aankomt op zijn pedagogische kennis? Om dit te kunnen beantwoorden, zal ik ingaan op de algemene denkbeelden die Rousseau heeft over een ‘goede’ opvoeding.
Emile en zijn formatieve jaren
‘De stad is het riool van het mensenras’, aldus Rousseau. Het wordt al snel duidelijk dat het platteland de ideale plek is om een kind op te voeden. Hier wordt het kind immers niet ‘verdorven’ door de sociale normen en structuren van de maatschappij. Het kind dient namelijk eerst zelf een voorstelling van de werkelijkheid te hebben, voordat het sociale normen en opvattingen van anderen leert kennen. De grondslag van dit denken ligt in het feit dat Rousseau de natuur als inherent goed ziet, en de maatschappij als inherent slecht. Rousseau stelt dat de mens goed geboren wordt en slecht wordt gemaakt door de maatschappij en haar structuren. Nu moet gezegd worden dat dit erg typisch romantisch denken is. De Romantiek als kunststroming en historische periode kan namelijk onder andere worden gekenmerkt door een positieve kijk op de mens, door verheerlijking van de natuur en de opvatting dat lijden een positieve invloed kan uitoefenen op iemands karakter. Op dat laatste zal ik later terugkomen. Men kan zich afvragen of verheerlijking van de natuur niet gedateerd is. Vandaag de dag kenmerkt de moderne mens zich enerzijds door het wezenlijk geïntegreerd zijn in de samenleving, maar aan de andere kant is er een tendens te zien onder jongeren die weer in of nabij de natuur willen wonen, geïnspireerd door de slow living-trend.
‘De stad is het riool van het mensenras’, aldus Rousseau
Daarna stelt Rousseau vast dat Emile niet alleen van zijn vader leert. Elk mens heeft drie leermeesters: de natuur, de mens en de noodzakelijkheid. Rousseau is een fervent tegenstander van het kind slechts opzadelen met informátie over de werkelijkheid. Rousseaus manier van opvoeden bestaat erin om het kind te confronteren met de natuur en de natuur zo als het ware de leermeester te laten zijn van het kind. Het kind moet niet uit de woorden van de pedagoog/opvoeder/ouder leren hoe je bijvoorbeeld een kompas moet gebruiken, maar moet begrijpen hoe een kompas werkt door te ontdekken hoe navigeren werkt in de natuur, zonder hulpmiddelen.
Ook stelt Rousseau dat kinderen nooit geslagen mogen worden, ze zijn zich immers van geen kwaad bewust. Hij stelt dat egocentrisme kind-eigen is. Ze kunnen niet begrijpen dat ze zich zo gedragen, omdat hun leeftijd hen ertoe beweegt zich zo egocentrisch op te stellen. Pas wanneer kinderen wat ouder worden en zich ervan bewust worden dat anderen ook gevoelens hebben, beginnen ze een gevoel van sympathie en empathie tegenover anderen te ontwikkelen. Volgens Rousseau zou je kinderen daarom nooit mogen straffen als ze zich zelfzuchtig gedragen. Ze kunnen niet anders, dat is nou eenmaal de aard van kleine kinderen en de aard van elk onvolgroeid mens.
Wat gebeurt er als Emile ziek wordt?
Na te hebben uitgeweid over de basis van een goede opvoeding, gaat Rousseau over naar wat gedaan moet worden als de opvoeding tijdelijk gehinderd wordt door ziekte. Wat moet de vader doen als Emile ziek wordt? Roep vooral geen dokter. Net zoals een dier geneest wanneer het een gebroken pootje heeft, zal ook een kind vanzelf genezen. Sterker nog, ziek zijn en lijden kunnen hem juist sterker maken. Alleen als het kind op sterven ligt, mag er een dokter bijgehaald worden, aangezien een dokter in dat geval niet veel kwaads meer kan aanrichten. De notie van lijden als iets positiefs, iets wat karakter schept, is ook iets typisch romantisch.
Wat voor werk moet Emile hebben?
Volgens Rousseau is ambachtsman het beste beroep dat Emile kan hebben. Rousseau illustreert waarom dat zo is door een voorbeeld ter hand te nemen van een beroep dat wel afhankelijk is van sociale normen en waarden, namelijk koning zijn.
Een koning is immers afhankelijk van wat de maatschappij hem voor status oplegt, maar een praktiserend ambachtsman zal altijd losstaan van de veranderlijkheid van maatschappelijke normen en waarden. Dit type denken over maatschappelijke structuren als geconstrueerd, is van zeer grote invloed geweest op denkers zoals Friedrich Nietzsche en Georg Wilhelm Friedrich Hegel. Ook zien we de notie van onafhankelijkheid op de werkvloer terug.
Emile en zijn seksuele ontwikkeling
In de 21e eeuw is het steeds vanzelfsprekender dat seksuele voorlichting een geïntegreerd onderdeel is van de opvoeding van een kind. Rousseau zou het hier niet mee eens zijn, want volgens hem moet een tiener zo ver mogelijk weg worden gehouden van welke seksuele gedachten dan ook. Emile moet dus zeker geen seksuele voorlichting krijgen als hij tiener is. Dit mag wel als hij nog niet in de puberteit zit of als hij al een volwassen man is geworden (wat voor Rousseau 16 jaar of ouder is). Als een puber bijvoorbeeld vraagt waar baby’s vandaan komen, kan je hem volgens Rousseau beter vertellen dat kinderen geboren worden wanneer een vrouw plast dan dat je hem confronteert met enige ‘perverse’ gedachten. Seksuele gedachten zag Rousseau dus als iets slechts omdat het onnatuurlijk is, wat ik persoonlijk een tegenstrijdige notie vind, gezien zijn visie op de goedheid van de natuur en de natuurlijke staat van de mens. Een mogelijke verklaring voor Rousseaus opvattingen is te vinden in het boek We zijn nog nooit zo romantisch geweest van Hans Kennepohl. Hierin legt hij uit dat het in Rousseaus tijd gebruikelijk was voor kinderen om op dezelfde kamer te slapen als hun ouders, die ongegeneerd alle kleuren van hun intieme leven lieten zien. Enigszins begrijpelijk dat Rousseau zich hier fel tegen afzette.
Als een puber bijvoorbeeld vraagt waar baby’s vandaan komen, kan je hem volgens Rousseau beter vertellen dat kinderen geboren worden wanneer een vrouw plast dan dat je hem confronteert met enige ‘perverse’ gedachten
Een revolutionaire schrijver?
Wellicht heb je dit allemaal gelezen en vraag je je af: wat maakt deze denkbeelden vernieuwend?
Het belangrijkste dat we moeten onthouden, is dat kinderen pas na de publicatie van Rousseau’s Emile daadwerkelijk als kinderen gezien begonnen te worden die een andere behandeling nodig hebben dan een volwassene. Na dit boek ontstond er onder andere kinderliteratuur en volgens sommige hoogleraren zijn noties en karaktereigenschappen van Emile terug te vinden in Rudyard Kiplings The Jungle Book, iets wat wij tot op de dag van vandaag aan kinderen laten lezen of zien. Zo heeft een romantisch schrijver, in tegenstelling tot wat je associeert met de Romantiek, dus ontzettend veel vooruitgang teweeggebracht.
